Ar-Rum

الروم

De Romeinen60 verzenMekkaans

بِسْمِ ٱللَّهِ ٱلرَّحْمَٰنِ ٱلرَّحِيمِ

الٓمٓ﴿١

1Alif, Laam, Miem.[1]

غُلِبَتِ ٱلرُّومُ﴿٢

2De Romeinen zijn verslagen.

فِيٓ أَدۡنَى ٱلۡأَرۡضِ وَهُم مِّنۢ بَعۡدِ غَلَبِهِمۡ سَيَغۡلِبُونَ﴿٣

3In het laagste punt op aarde. En zij zullen na hun verlies de overwinnaars worden.

فِي بِضۡعِ سِنِينَۗ لِلَّهِ ٱلۡأَمۡرُ مِن قَبۡلُ وَمِنۢ بَعۡدُۚ وَيَوۡمَئِذٖ يَفۡرَحُ ٱلۡمُؤۡمِنُونَ﴿٤

4Tussen drie en negen jaar. Het besluit over deze zaak, voor en na (deze gebeurtenis) ligt uitsluitend bij Allah en op die dag zullen de gelovigen zich verheugen, (omdat de Perzen meer ongelovig en vijandig zijn tegen de moslims, zelfs vandaag de dag nog).

بِنَصۡرِ ٱللَّهِۚ يَنصُرُ مَن يَشَآءُۖ وَهُوَ ٱلۡعَزِيزُ ٱلرَّحِيمُ﴿٥

5Met de hulp van Allah (aan de Romeinen tegen de perzen), Hij helpt wie Hij wil (aan een overwinning)en Hij is de Almachtige, de Genadevolle.

وَعۡدَ ٱللَّهِۖ لَا يُخۡلِفُ ٱللَّهُ وَعۡدَهُۥ وَلَٰكِنَّ أَكۡثَرَ ٱلنَّاسِ لَا يَعۡلَمُونَ﴿٦

6(Het is) een belofte van Allah, en Allah verbreekt Zijn belofte niet, maar de meeste mensen weten het niet.

يَعۡلَمُونَ ظَٰهِرٗا مِّنَ ٱلۡحَيَوٰةِ ٱلدُّنۡيَا وَهُمۡ عَنِ ٱلۡأٓخِرَةِ هُمۡ غَٰفِلُونَ﴿٧

7Zij [1] kennen slechts de uiterlijke schijn van het leven van de wereld en zij zijn achteloos voor het hiernamaals.

أَوَلَمۡ يَتَفَكَّرُواْ فِيٓ أَنفُسِهِمۗ مَّا خَلَقَ ٱللَّهُ ٱلسَّمَٰوَٰتِ وَٱلۡأَرۡضَ وَمَا بَيۡنَهُمَآ إِلَّا بِٱلۡحَقِّ وَأَجَلٖ مُّسَمّٗىۗ وَإِنَّ كَثِيرٗا مِّنَ ٱلنَّاسِ بِلِقَآيِٕ رَبِّهِمۡ لَكَٰفِرُونَ﴿٨

8Denken zij dan niet diep na over zichzelf? Allah heeft de hemelen en de aarde en alles wat daar tussen is niet anders geschapen dan met de waarheid en voor een aangewezen termijn. En voorwaar, velen van de mensheid ontkennen de ontmoeting met hun Heer.

أَوَلَمۡ يَسِيرُواْ فِي ٱلۡأَرۡضِ فَيَنظُرُواْ كَيۡفَ كَانَ عَٰقِبَةُ ٱلَّذِينَ مِن قَبۡلِهِمۡۚ كَانُوٓاْ أَشَدَّ مِنۡهُمۡ قُوَّةٗ وَأَثَارُواْ ٱلۡأَرۡضَ وَعَمَرُوهَآ أَكۡثَرَ مِمَّا عَمَرُوهَا وَجَآءَتۡهُمۡ رُسُلُهُم بِٱلۡبَيِّنَٰتِۖ فَمَا كَانَ ٱللَّهُ لِيَظۡلِمَهُمۡ وَلَٰكِن كَانُوٓاْ أَنفُسَهُمۡ يَظۡلِمُونَ﴿٩

9Reizen zij niet over land en zien wat het einde is van degenen die vóór hen waren? Zij waren machtiger dan hen in kracht en zij bewerkten de aarde en bevolkten die in grotere aantallen dan deze (Qoeraysh) dat gedaan hebben, en tot hen kwamen hun boodschappers met duidelijke bewijzen. Zeker, Allah heeft hen geen onrecht aangedaan, maar zij hebben zichzelf onrecht aangedaan.

ثُمَّ كَانَ عَٰقِبَةَ ٱلَّذِينَ أَسَٰٓـُٔواْ ٱلسُّوٓأَىٰٓ أَن كَذَّبُواْ بِـَٔايَٰتِ ٱللَّهِ وَكَانُواْ بِهَا يَسۡتَهۡزِءُونَ﴿١٠

10Slecht was toen het einde van degenen die zondigden, omdat zij de tekenen Allah verloochenden en het bespotten.

ٱللَّهُ يَبۡدَؤُاْ ٱلۡخَلۡقَ ثُمَّ يُعِيدُهُۥ ثُمَّ إِلَيۡهِ تُرۡجَعُونَ﴿١١

11(Alleen) Allah vormt de schepping, dan zal Hij het herhalen en tot Hem zullen jullie terugkeren [1].

وَيَوۡمَ تَقُومُ ٱلسَّاعَةُ يُبۡلِسُ ٱلۡمُجۡرِمُونَ﴿١٢

12En op de Dag waarop het Uur plaatsvindt, zullen de misdadigers zich met diepe spijt, berouw en wanhoop in de vernietiging storten

وَلَمۡ يَكُن لَّهُم مِّن شُرَكَآئِهِمۡ شُفَعَٰٓؤُاْ وَكَانُواْ بِشُرَكَآئِهِمۡ كَٰفِرِينَ﴿١٣

13Zij zullen geen bemiddelaars hebben van degenen die zij aan Allah gelijk hebben gesteld en zij zullen (zichzelf) verwerpen en hun deelgenoten ontkennen.

وَيَوۡمَ تَقُومُ ٱلسَّاعَةُ يَوۡمَئِذٖ يَتَفَرَّقُونَ﴿١٤

14En op de Dag waarop het Uur plaats vindt – die Dag zullen (alle mensen) gescheiden worden.

فَأَمَّا ٱلَّذِينَ ءَامَنُواْ وَعَمِلُواْ ٱلصَّٰلِحَٰتِ فَهُمۡ فِي رَوۡضَةٖ يُحۡبَرُونَ﴿١٥

15Maar voor degenen die geloofden en goede daden verrichten, zij zullen in Tuinen genieten.

وَأَمَّا ٱلَّذِينَ كَفَرُواْ وَكَذَّبُواْ بِـَٔايَٰتِنَا وَلِقَآيِٕ ٱلۡأٓخِرَةِ فَأُوْلَٰٓئِكَ فِي ٱلۡعَذَابِ مُحۡضَرُونَ﴿١٦

16En voor degenen die ongelovig waren en Onze tekenen verloochenden en de ontmoeting in het hiernamaals – zij zullen naar de bestraffing gebracht worden.

فَسُبۡحَٰنَ ٱللَّهِ حِينَ تُمۡسُونَ وَحِينَ تُصۡبِحُونَ﴿١٧

17Verheerlijk (en gedenk) Allah (in het gebed), als jullie de avond ingaan (door het maghrib- en ‘isjaa` gebed te verrichten) en wanneer jullie de ochtend ingaan (door het fadjr gebed te verrichten).

وَلَهُ ٱلۡحَمۡدُ فِي ٱلسَّمَٰوَٰتِ وَٱلۡأَرۡضِ وَعَشِيّٗا وَحِينَ تُظۡهِرُونَ﴿١٨

18En Hem komen alle lofprijzingen en dank toe – zowel in de hemelen als op aarde – (gedenk Hem dus ook) tijdens het af nemen van de dag (de tijdspanne tussen het namiddaggebed en het maghrib gebed) en het ‘groeien’ van de dag (de tijdspanne tussen het ochtendgebed en het middaggebed).

يُخۡرِجُ ٱلۡحَيَّ مِنَ ٱلۡمَيِّتِ وَيُخۡرِجُ ٱلۡمَيِّتَ مِنَ ٱلۡحَيِّ وَيُحۡيِ ٱلۡأَرۡضَ بَعۡدَ مَوۡتِهَاۚ وَكَذَٰلِكَ تُخۡرَجُونَ﴿١٩

19(Gedenk Hem dus veelvuldig want) Hij brengt de levenden voort uit de doden (een mens uit een zaad- en eicel, een vogel uit een ei; en een gelovige uit een ongelovige) en (het is ook) Hij die de doden voortbrengt uit de levenden. En (d.m.v. regenwater) doet Hij de (dorre) aarde (na een periode van droogte) herleven na haar dood. En (zo ook) zullen jullie (bij de wederopstaning uit jullie graven) worden voortgebracht (voor de uiteindelijke afrekening).

وَمِنۡ ءَايَٰتِهِۦٓ أَنۡ خَلَقَكُم مِّن تُرَابٖ ثُمَّ إِذَآ أَنتُم بَشَرٞ تَنتَشِرُونَ﴿٢٠

20En onder Zijn tekenen is het volgende: dat jullie geschapen heeft uit aarde en dan, - zie, jullie zijn verspreide menselijke wezens!

وَمِنۡ ءَايَٰتِهِۦٓ أَنۡ خَلَقَ لَكُم مِّنۡ أَنفُسِكُمۡ أَزۡوَٰجٗا لِّتَسۡكُنُوٓاْ إِلَيۡهَا وَجَعَلَ بَيۡنَكُم مَّوَدَّةٗ وَرَحۡمَةًۚ إِنَّ فِي ذَٰلِكَ لَأٓيَٰتٖ لِّقَوۡمٖ يَتَفَكَّرُونَ﴿٢١

21En het behoort tot (Allah Zijn) tekenen dat Hij (soorgelijke) partners uit julliezelf voortbrengt, zodat jullie bij hen tot rust kunnen komen. En Hij heeft tussen jullie (echtparen) liefde en genade geplaatst. Waarlijk, in dat zijn zeker tekenen voor mensen die nadenken.

وَمِنۡ ءَايَٰتِهِۦ خَلۡقُ ٱلسَّمَٰوَٰتِ وَٱلۡأَرۡضِ وَٱخۡتِلَٰفُ أَلۡسِنَتِكُمۡ وَأَلۡوَٰنِكُمۡۚ إِنَّ فِي ذَٰلِكَ لَأٓيَٰتٖ لِّلۡعَٰلِمِينَ﴿٢٢

22En tot Zijn tekenen behoren de schepping van de hemelen en de aarde, en het verschil in jullie talen en (huids)kleuren. Waarlijk, daarin zijn zeker tekenen voor nadenkende mensen met kennis.

وَمِنۡ ءَايَٰتِهِۦ مَنَامُكُم بِٱلَّيۡلِ وَٱلنَّهَارِ وَٱبۡتِغَآؤُكُم مِّن فَضۡلِهِۦٓۚ إِنَّ فِي ذَٰلِكَ لَأٓيَٰتٖ لِّقَوۡمٖ يَسۡمَعُونَ﴿٢٣

23En onder Zijn tekenen is de slaap, dat jullie in de nacht en in de dag kan overmannen en jullie zoektocht naar Zijn gunsten. Waarlijk hierin zijn zeker tekenen voor mensen die luisteren.

وَمِنۡ ءَايَٰتِهِۦ يُرِيكُمُ ٱلۡبَرۡقَ خَوۡفٗا وَطَمَعٗا وَيُنَزِّلُ مِنَ ٱلسَّمَآءِ مَآءٗ فَيُحۡيِۦ بِهِ ٱلۡأَرۡضَ بَعۡدَ مَوۡتِهَآۚ إِنَّ فِي ذَٰلِكَ لَأٓيَٰتٖ لِّقَوۡمٖ يَعۡقِلُونَ﴿٢٤

24En onder Zijn tekenen is dat Hij jullie de bliksem toont door hoop en vrees en Hij laat het water uit de hemel vallen en daarmee doet Hij de aarde na haar dood herleven. Waarlijk hierin zijn zeker tekenen voor mensen die begrijpen.

وَمِنۡ ءَايَٰتِهِۦٓ أَن تَقُومَ ٱلسَّمَآءُ وَٱلۡأَرۡضُ بِأَمۡرِهِۦۚ ثُمَّ إِذَا دَعَاكُمۡ دَعۡوَةٗ مِّنَ ٱلۡأَرۡضِ إِذَآ أَنتُمۡ تَخۡرُجُونَ﴿٢٥

25En onder Zijn tekenen is dat de hemel en de aarde onder Zijn bevel staan en daarna, als Hij jullie zal roepen door één enkele roep, zie, jullie komen uit de aarde.

وَلَهُۥ مَن فِي ٱلسَّمَٰوَٰتِ وَٱلۡأَرۡضِۖ كُلّٞ لَّهُۥ قَٰنِتُونَ﴿٢٦

26Aan Hem behoort alles wat in de hemelen is en wat op aarde is. Allen geven zich aan hem over (vrijwillig of gedwongen).

وَهُوَ ٱلَّذِي يَبۡدَؤُاْ ٱلۡخَلۡقَ ثُمَّ يُعِيدُهُۥ وَهُوَ أَهۡوَنُ عَلَيۡهِۚ وَلَهُ ٱلۡمَثَلُ ٱلۡأَعۡلَىٰ فِي ٱلسَّمَٰوَٰتِ وَٱلۡأَرۡضِۚ وَهُوَ ٱلۡعَزِيزُ ٱلۡحَكِيمُ﴿٢٧

27En Hij is het Die de schepping vormt, daarna zal het zich herhalen en dit is gemakkelijk voor Hem. Aan Hem is de hoogste beschrijving in de hemelen en op aarde. En Hij is de Almachtige, de Alwijze.

ضَرَبَ لَكُم مَّثَلٗا مِّنۡ أَنفُسِكُمۡۖ هَل لَّكُم مِّن مَّا مَلَكَتۡ أَيۡمَٰنُكُم مِّن شُرَكَآءَ فِي مَا رَزَقۡنَٰكُمۡ فَأَنتُمۡ فِيهِ سَوَآءٞ تَخَافُونَهُمۡ كَخِيفَتِكُمۡ أَنفُسَكُمۡۚ كَذَٰلِكَ نُفَصِّلُ ٱلۡأٓيَٰتِ لِقَوۡمٖ يَعۡقِلُونَ﴿٢٨

28Hij geeft jullie een voorbeeld van jullie zelf. Hebben jullie onder wat jullie rechterhand bezit deelgenoten in datgene waarmee wij jullie hebben voorzien die net als jullie een gelijk aandeel daarin hebben? En jullie vrezen zoals jullie elkaar vrezen? Dus zo leggen Wij de tekenen nauwkeurig uit aan de mensen die nadenken.

بَلِ ٱتَّبَعَ ٱلَّذِينَ ظَلَمُوٓاْ أَهۡوَآءَهُم بِغَيۡرِ عِلۡمٖۖ فَمَن يَهۡدِي مَنۡ أَضَلَّ ٱللَّهُۖ وَمَا لَهُم مِّن نَّٰصِرِينَ﴿٢٩

29Nee, maar degenen die zondigen volgen zonder kennis hun eigen lusten. Wie zal dan degenen leiden die Allah doet hen dwalen? En voor zulken zullen er geen helpers zijn.

فَأَقِمۡ وَجۡهَكَ لِلدِّينِ حَنِيفٗاۚ فِطۡرَتَ ٱللَّهِ ٱلَّتِي فَطَرَ ٱلنَّاسَ عَلَيۡهَاۚ لَا تَبۡدِيلَ لِخَلۡقِ ٱللَّهِۚ ذَٰلِكَ ٱلدِّينُ ٱلۡقَيِّمُ وَلَٰكِنَّ أَكۡثَرَ ٱلنَّاسِ لَا يَعۡلَمُونَ﴿٣٠

30(O Mohammed) keer je gezicht dus in de richting van de (zuivere) godsdienst als Hanief (samen met jouw volgelingen, dat is de natuurlijke aanleg waarin hij de mensen en djins heeft geschapen). Laat geen verandering in Allah Zijn godsdienst plaatsvinden (d.m.v. jullie veelgoderij). Dat is het zuivere monotheïsme, maar de meeste (ongelovige) mensen (willen) het niet weten!

۞ مُنِيبِينَ إِلَيۡهِ وَٱتَّقُوهُ وَأَقِيمُواْ ٱلصَّلَوٰةَ وَلَا تَكُونُواْ مِنَ ٱلۡمُشۡرِكِينَ﴿٣١

31Keer (altijd) in berouw tot (alleen) Hem en heb vrees voor Hem en wees plichtsgetrouw: en verricht de gebeden perfect en behoor niet tot de afgodendienaars.

مِنَ ٱلَّذِينَ فَرَّقُواْ دِينَهُمۡ وَكَانُواْ شِيَعٗاۖ كُلُّ حِزۡبِۭ بِمَا لَدَيۡهِمۡ فَرِحُونَ﴿٣٢

32Van degenen die hun godsdienst opsplitsen en tot een sekte gaan behoren, iedere sekte verheugt zich met wat het heeft [1].

وَإِذَا مَسَّ ٱلنَّاسَ ضُرّٞ دَعَوۡاْ رَبَّهُم مُّنِيبِينَ إِلَيۡهِ ثُمَّ إِذَآ أَذَاقَهُم مِّنۡهُ رَحۡمَةً إِذَا فَرِيقٞ مِّنۡهُم بِرَبِّهِمۡ يُشۡرِكُونَ﴿٣٣

33En als een rampspoed de mensen raakt, dan roepen zij oprecht om alleen hun Heer, zich tot Hem in berouw kerend, maar als Hij hen Zijn genade laat proeven, zie! Een deel van hen kent deelgenoten in de aanbidding aan hun Heer toe [1].

لِيَكۡفُرُواْ بِمَآ ءَاتَيۡنَٰهُمۡۚ فَتَمَتَّعُواْ فَسَوۡفَ تَعۡلَمُونَ﴿٣٤

34Om dus ondankbaar te zijn voor de gunsten die Wij hun gegeven hebben. Geniet dan; maar jullie zullen het te weten komen.

أَمۡ أَنزَلۡنَا عَلَيۡهِمۡ سُلۡطَٰنٗا فَهُوَ يَتَكَلَّمُ بِمَا كَانُواْ بِهِۦ يُشۡرِكُونَ﴿٣٥

35Of hebben Wij aan hen een geschrift geopenbaard dat spreekt over datgene wat zij met Hem verenigen?

وَإِذَآ أَذَقۡنَا ٱلنَّاسَ رَحۡمَةٗ فَرِحُواْ بِهَاۖ وَإِن تُصِبۡهُمۡ سَيِّئَةُۢ بِمَا قَدَّمَتۡ أَيۡدِيهِمۡ إِذَا هُمۡ يَقۡنَطُونَ﴿٣٦

36En als Wij de mensheid onze genade laten proeven, verheugen zij zich daarin, maar als iets kwaads hen treft vanwege datgene wat zij met hun eigen handen vooruit hebben gestuurd, zie! Zij verkeren dan in wanhoop! (de gelovige heeft nooit wanhoop, slechts volle vertrouwen in de eerlijkheid en de wijsheid van zijn heer).

أَوَلَمۡ يَرَوۡاْ أَنَّ ٱللَّهَ يَبۡسُطُ ٱلرِّزۡقَ لِمَن يَشَآءُ وَيَقۡدِرُۚ إِنَّ فِي ذَٰلِكَ لَأٓيَٰتٖ لِّقَوۡمٖ يُؤۡمِنُونَ﴿٣٧

37Zien zij dan niet dat Allah de voorziening vergroot voor wie Hij wil en het beperkt. Waarlijk, hierin zijn tekenen voor een volk dat gelooft.

فَـَٔاتِ ذَا ٱلۡقُرۡبَىٰ حَقَّهُۥ وَٱلۡمِسۡكِينَ وَٱبۡنَ ٱلسَّبِيلِۚ ذَٰلِكَ خَيۡرٞ لِّلَّذِينَ يُرِيدُونَ وَجۡهَ ٱللَّهِۖ وَأُوْلَٰٓئِكَ هُمُ ٱلۡمُفۡلِحُونَ﴿٣٨

38Geef de verwanten dus zijn deel en de arme en de reiziger (die tekort komt). Dat is het goede voor degenen die Allah Zijn tevredenheid zoeken, en zij zijn het die zullen slagen (het helpen van je broeders en zusters is een groot onderdeel van de Islam).

وَمَآ ءَاتَيۡتُم مِّن رِّبٗا لِّيَرۡبُوَاْ فِيٓ أَمۡوَٰلِ ٱلنَّاسِ فَلَا يَرۡبُواْ عِندَ ٱللَّهِۖ وَمَآ ءَاتَيۡتُم مِّن زَكَوٰةٖ تُرِيدُونَ وَجۡهَ ٱللَّهِ فَأُوْلَٰٓئِكَ هُمُ ٱلۡمُضۡعِفُونَ﴿٣٩

39En datgene wat jullie in gaven weggeven (rente) zodat het zal vermeerderen heeft geen vermeerdering bij Allah, maar wat jullie als liefdadigheid weggeven om Allahs tevredenheid te zoeken, dan zal dat veelvoudig vermeerderd worden.

ٱللَّهُ ٱلَّذِي خَلَقَكُمۡ ثُمَّ رَزَقَكُمۡ ثُمَّ يُمِيتُكُمۡ ثُمَّ يُحۡيِيكُمۡۖ هَلۡ مِن شُرَكَآئِكُم مَّن يَفۡعَلُ مِن ذَٰلِكُم مِّن شَيۡءٖۚ سُبۡحَٰنَهُۥ وَتَعَٰلَىٰ عَمَّا يُشۡرِكُونَ﴿٤٠

40Allah is Degene die jullie geschapen heeft, daarna jullie heeft voorzien, dan zal Hij jullie laten sterven, dan zal Hij jullie weer leven geven. Is er één van jullie zogenaamde deelgenoten die zoiets kan doen? Verheerlijkt zij Hij! En verheven is Hij boven al dat (kwade) wat zij (met Hem) verenigen.

ظَهَرَ ٱلۡفَسَادُ فِي ٱلۡبَرِّ وَٱلۡبَحۡرِ بِمَا كَسَبَتۡ أَيۡدِي ٱلنَّاسِ لِيُذِيقَهُم بَعۡضَ ٱلَّذِي عَمِلُواْ لَعَلَّهُمۡ يَرۡجِعُونَ﴿٤١

41Het verderf is op het land en de zee verschenen vanwege wat de handen van de mensen verdiend hebben, dat Allah hen een deel laat proeven (beproevingen) van wat zij gedaan hebben zodat zij terug mogen keren (in Tawbah) naar Allah.

قُلۡ سِيرُواْ فِي ٱلۡأَرۡضِ فَٱنظُرُواْ كَيۡفَ كَانَ عَٰقِبَةُ ٱلَّذِينَ مِن قَبۡلُۚ كَانَ أَكۡثَرُهُم مُّشۡرِكِينَ﴿٤٢

42Zeg: “Reis door het land en zie wat het einde was van degenen vóór (jullie)!" De meesten van hen waren afgodendienaars.

فَأَقِمۡ وَجۡهَكَ لِلدِّينِ ٱلۡقَيِّمِ مِن قَبۡلِ أَن يَأۡتِيَ يَوۡمٞ لَّا مَرَدَّ لَهُۥ مِنَ ٱللَّهِۖ يَوۡمَئِذٖ يَصَّدَّعُونَ﴿٤٣

43Keer je gezicht dus naar de goede en juiste godsdienst, want er komt van Allah een Dag die niemand kan ontwijken. En op die Dag zal de mens verdeeld worden.

مَن كَفَرَ فَعَلَيۡهِ كُفۡرُهُۥۖ وَمَنۡ عَمِلَ صَٰلِحٗا فَلِأَنفُسِهِمۡ يَمۡهَدُونَ﴿٤٤

44Iedereen die ongelovig was, zal van zijn ongeloof te lijden hebben en iedereen die goede daden doet zij zullen voor zichzelf een goede plaats voorbereiden.

لِيَجۡزِيَ ٱلَّذِينَ ءَامَنُواْ وَعَمِلُواْ ٱلصَّٰلِحَٰتِ مِن فَضۡلِهِۦٓۚ إِنَّهُۥ لَا يُحِبُّ ٱلۡكَٰفِرِينَ﴿٤٥

45Dat Hij degenen die geloven en die goede daden doen uit Zijn gunst moge belonen. Waarlijk Hij houdt niet van de ongelovigen (als je je stevig vast houdt aan de Islam, weet dan dat dat de grootste gunst van Allah is)

وَمِنۡ ءَايَٰتِهِۦٓ أَن يُرۡسِلَ ٱلرِّيَاحَ مُبَشِّرَٰتٖ وَلِيُذِيقَكُم مِّن رَّحۡمَتِهِۦ وَلِتَجۡرِيَ ٱلۡفُلۡكُ بِأَمۡرِهِۦ وَلِتَبۡتَغُواْ مِن فَضۡلِهِۦ وَلَعَلَّكُمۡ تَشۡكُرُونَ﴿٤٦

46En onder Zijn tekenen is dat Hij winden stuurt met goede tijdingen, en jullie Zijn genade laat proeven en dat de schepen op Zijn bevel mogen varen. En dat jullie Zijn gunsten mogen zoeken zodat jullie dankbaar zullen zijn.

وَلَقَدۡ أَرۡسَلۡنَا مِن قَبۡلِكَ رُسُلًا إِلَىٰ قَوۡمِهِمۡ فَجَآءُوهُم بِٱلۡبَيِّنَٰتِ فَٱنتَقَمۡنَا مِنَ ٱلَّذِينَ أَجۡرَمُواْۖ وَكَانَ حَقًّا عَلَيۡنَا نَصۡرُ ٱلۡمُؤۡمِنِينَ﴿٤٧

47En voorwaar, Wij hebben boodschappers vóór jou gestuurd tot hun volkeren. Zij kwamen met duidelijke bewijzen tot hen, Wij hebben Ons gewroken op degenen die misdaden plachten te doen en (wat) de gelovigen (betreft) was het een verplichting voor Ons (hen) te helpen (in standvastigheid in het geloof, in oorlog, onderdrukking, dat allen wanneer Allah het wilt en hoe hij het wilt).

ٱللَّهُ ٱلَّذِي يُرۡسِلُ ٱلرِّيَٰحَ فَتُثِيرُ سَحَابٗا فَيَبۡسُطُهُۥ فِي ٱلسَّمَآءِ كَيۡفَ يَشَآءُ وَيَجۡعَلُهُۥ كِسَفٗا فَتَرَى ٱلۡوَدۡقَ يَخۡرُجُ مِنۡ خِلَٰلِهِۦۖ فَإِذَآ أَصَابَ بِهِۦ مَن يَشَآءُ مِنۡ عِبَادِهِۦٓ إِذَا هُمۡ يَسۡتَبۡشِرُونَ﴿٤٨

48Allah is Degene Die de winden stuurt, zodat zij wolken verzamelen en hen over de hemel verdelen zoals Hij wilt en hen dan in delen opbreekt, tot jullie uit hun midden regendruppels zien voortkomen! Dan als Hij ze op de dienaren die Hij wilt laat vallen, zie! Zij verheugen zich!

وَإِن كَانُواْ مِن قَبۡلِ أَن يُنَزَّلَ عَلَيۡهِم مِّن قَبۡلِهِۦ لَمُبۡلِسِينَ﴿٤٩

49En waarlijk hiervoor, - net voordat het op hen was neergezonden, waren zij wanhopig!

فَٱنظُرۡ إِلَىٰٓ ءَاثَٰرِ رَحۡمَتِ ٱللَّهِ كَيۡفَ يُحۡيِ ٱلۡأَرۡضَ بَعۡدَ مَوۡتِهَآۚ إِنَّ ذَٰلِكَ لَمُحۡيِ ٱلۡمَوۡتَىٰۖ وَهُوَ عَلَىٰ كُلِّ شَيۡءٖ قَدِيرٞ﴿٥٠

50Kijk dan naar de sporen (effect) van Allah Zijn genade, hoe Hij de aarde na haar dood doet herleven. Waarlijk! Dat (Allah) Degene is Die de aarde na haar dood doet herleven, zal zeker de doden doen herrijzen, en Hij is tot alle dingen in staat.

وَلَئِنۡ أَرۡسَلۡنَا رِيحٗا فَرَأَوۡهُ مُصۡفَرّٗا لَّظَلُّواْ مِنۢ بَعۡدِهِۦ يَكۡفُرُونَ﴿٥١

51En als Wij een wind sturen, en zij zien (hun akkerland) geel worden, - zie, zij worden dan, nadat zij blij zijn gewees, ondankbare ongelovigen.

فَإِنَّكَ لَا تُسۡمِعُ ٱلۡمَوۡتَىٰ وَلَا تُسۡمِعُ ٱلصُّمَّ ٱلدُّعَآءَ إِذَا وَلَّوۡاْ مُدۡبِرِينَ﴿٥٢

52Dus waarlijk jij kan de doden niet laten horen noch kan je de doven de roep laten horen wanneer zij hun ruggen laten zien, zich afkerend.

وَمَآ أَنتَ بِهَٰدِ ٱلۡعُمۡيِ عَن ضَلَٰلَتِهِمۡۖ إِن تُسۡمِعُ إِلَّا مَن يُؤۡمِنُ بِـَٔايَٰتِنَا فَهُم مُّسۡلِمُونَ﴿٥٣

53En jij kan de blinden niet van hun dwaling leiden; jij kan slechts degenen die in Onze tekenen geloven en zich aan Allah in de Islam hebben overgegeven, laten horen.

۞ ٱللَّهُ ٱلَّذِي خَلَقَكُم مِّن ضَعۡفٖ ثُمَّ جَعَلَ مِنۢ بَعۡدِ ضَعۡفٖ قُوَّةٗ ثُمَّ جَعَلَ مِنۢ بَعۡدِ قُوَّةٖ ضَعۡفٗا وَشَيۡبَةٗۚ يَخۡلُقُ مَا يَشَآءُۚ وَهُوَ ٱلۡعَلِيمُ ٱلۡقَدِيرُ﴿٥٤

54Allah is Degene Die jullie uit een zwakke (vermengde vloeistof) heeft geschapen, daarop gaf Hij jullie kracht (als volwassene) na de zwakheid (van jullie kinderjaren), vervolgens (nam Hij) de (levens)kracht (weer weg) en gaf Hij jullie de zwakte (van ouderdom in combinatie met) grijs haar. Hij schept wat Hij wil. En Hij is het Die Alwetend, de Almachtige is.

وَيَوۡمَ تَقُومُ ٱلسَّاعَةُ يُقۡسِمُ ٱلۡمُجۡرِمُونَ مَا لَبِثُواْ غَيۡرَ سَاعَةٖۚ كَذَٰلِكَ كَانُواْ يُؤۡفَكُونَ﴿٥٥

55En op de Dag dat het Uur zal aanbreken zullen de misdadigers zweren dat zij niet langer dan een uur zijn gebleven, dus waren zij altijd bedrogen.

وَقَالَ ٱلَّذِينَ أُوتُواْ ٱلۡعِلۡمَ وَٱلۡإِيمَٰنَ لَقَدۡ لَبِثۡتُمۡ فِي كِتَٰبِ ٱللَّهِ إِلَىٰ يَوۡمِ ٱلۡبَعۡثِۖ فَهَٰذَا يَوۡمُ ٱلۡبَعۡثِ وَلَٰكِنَّكُمۡ كُنتُمۡ لَا تَعۡلَمُونَ﴿٥٦

56En degenen die kennis en geloof is gegeven zullen zeggen: “Voorwaar, jullie zijn volgens het Boek van Allah gebleven tot de Dag der Opstanding, maar jullie wisten het niet.”

فَيَوۡمَئِذٖ لَّا يَنفَعُ ٱلَّذِينَ ظَلَمُواْ مَعۡذِرَتُهُمۡ وَلَا هُمۡ يُسۡتَعۡتَبُونَ﴿٥٧

57Op die Dag zal er voor degenen die zondigden dus geen verontschuldiging bestaan, noch zal het hen toegestaan zijn om terug te keren om Allahs genoegen te zoeken.

وَلَقَدۡ ضَرَبۡنَا لِلنَّاسِ فِي هَٰذَا ٱلۡقُرۡءَانِ مِن كُلِّ مَثَلٖۚ وَلَئِن جِئۡتَهُم بِـَٔايَةٖ لَّيَقُولَنَّ ٱلَّذِينَ كَفَرُوٓاْ إِنۡ أَنتُمۡ إِلَّا مُبۡطِلُونَ﴿٥٨

58En voorwaar, Wij hebben voor de mensheid in deze koran allerlei soorten voorbeelden gegeven. Maar als jij hen wat voor teken dan ook brengt, toch zullen de ongelovigen zeker zeggen: “Jullie volgen niets anders dan valsheid.”

كَذَٰلِكَ يَطۡبَعُ ٱللَّهُ عَلَىٰ قُلُوبِ ٱلَّذِينَ لَا يَعۡلَمُونَ﴿٥٩

59Dus verzegelt Allah de harten van degenen die niet weten.

فَٱصۡبِرۡ إِنَّ وَعۡدَ ٱللَّهِ حَقّٞۖ وَلَا يَسۡتَخِفَّنَّكَ ٱلَّذِينَ لَا يُوقِنُونَ﴿٦٠

60Wees dus geduldig. Waarlijk de belofte van Allah is waarheid, en laat niet degenen die geen zekerheid over het geloof hebben, je ontmoedigen van de verkondiging van Allahs boodschap.

RELATED SURAHS